Reizigers in 2012



Op weg naar...

Het nieuwjaarsconcert 2010 van het Nederlands Blazers Ensemble samen met vier jonge componisten. Componisten tussen de 9 en 18 jaar. Hedendaagser kan muziek niet zijn. Een grote verdienste van het NBE.

Het thema dit jaar is: ‘Ik!’. Een woord dat prima bij de meeste componisten past omdat ze allemaal, naar eigen zeggen, toch wel anders zijn dan ‘normale’ mensen. Misschien moet je ook wel een klein beetje autistisch zijn om te componeren. Je moet immers in twee werelden tegelijk kunnen leven en de taal van je eigen innerlijk weten te vertalen naar de universele taal van de muziek. En componeren is ten slotte een eenzame bezigheid. Een paar citaten uit het programmaboekje:

Tom Schipper: ‘Ik wil graag mijn ware ik in dit nummer laten horen, maar wie is nou mijn ware ik?’

Aranka Lodewijk: ‘Mijn stuk heet My Fairytale omdat ik nogal dromerig ben, en dan aan van alles en nog wat denk.’

Willem Ouwehand: ‘Iedereen zegt altijd dat ik van alles moet veranderen. Ik ben te lang, te dik, moet beter luisteren. Maar mij kun je niet veranderen.’

Guus van Wolde: ‘Mijn hele leven zeggen anderen al wat ik moet doen en hoe ik moet zijn. Dat komt misschien ook omdat ik een beetje anders ben dan de rest en me niks aantrek van hoe een ‘normaal’ mens zou moeten zijn.’

Frederike Berendsen: ‘Ik trek me niets aan van wat mensen van me denken of vinden. Ik ben zoals ik ben en dat is niet altijd even gemakkelijk.’

Maarten Bogaards: ‘In mijn compositie Doctrine, wordt een soort reis gemaakt door mijn persoonlijkheid.’

Maartje Booden: ‘Al zolang ik me kan herinneren ben ik erg dromerig. Ik ben altijd in gedachten, altijd aan het wegdromen, ook wanneer ik dat niet wil.’

Baue Kunstman: ‘Het liedje is ook wel snel en ik moet toegeven: ik ben best een druktemaker.’

Eltjo Maring: ‘Ik hen een liedje bedacht in Eltjo-taal. […] Ik weet zelf ook niet wat het betekent. Ik had het al heel lang in mijn hoofd en nu heb ik het voor mijn cello opgeschreven.’

Abel de Kam: ‘Ik heb een tekst geschreven over een gevoel dat ik soms heb. De hele dag denk ik dan dat alles heel snel gaat en alleen IK in mijn eigen tempo rondloop, maar dat niemand dat door heeft.’

 

Op 11 december vond de voorronde Zuid Nederland plaats in Muziekcentrum Frits Philips in Eindhoven. Ook hier waren autistische trekjes en aanverwante stoornissen als ADHD en dwangneuroses volop aanwezig. Kortom, prettig gestoorde jongeren die de mooiste uitlaatklep gevonden hebben die er bestaat: de muziek.

   
De zes werken:

Op een dag, gecomponeerd en gezongen door Caro de Feijter. Caro: ‘Dit lied gaat over een periode waarin ik mezelf even kwijt was. Ik wilde stilte om me heen, rust om mezelf te vinden.’
De opkomst van Caro en pianist Noud Maas was alles behalve stil. Met een grote sprong belandde het tweetal bijna letterlijk van het balkon op het podium. Een krachtig liedje, stevig gezongen door een zelfverzekerde persoonlijkheid. Een mooi contrast met en een mooie oplossing voor de tekst van het liedje. Zonder meer de sterkst aanwezige persoonlijkheid van de avond.

Nonego, Annemiek de Bruin op klarinet. Overtuigend laat ze tijdens het praatje waarin de componist zichzelf mag voorstellen, weten dat ze ‘Ik!’ een heel slecht thema vindt. Muziek gaat juist over ‘wij’. En daarmee onderscheidde ze zich meteen als individu, als ik. Met de nodige humor verklaarde ze tevens de titel van haar werk. Not I in het Engels klonk niet goed en Nicht Ich in het Duits was te nichterig. Dus werd het Latijns: Non ego. Zoals ze zelf aankondigde was vier minuten erg kort voor haar compositie in neoromantische stijl. Ze gebruikte mooie thema’s maar er was geen tijd die voldoende uit te werken. Ik ben erg benieuwd naar het ‘volledige’ werk, dat er beslist ooit moet komen.

Ik, met Pauline Peek zelf als soliste op de viool. ‘Het thema is vrolijke en gek, net als ik een beetje. De solo stukken betekenen dat ik soms ook ruimte nodig heb, even alleen moet zijn.’ Op het toneel vertelde ze dat als er thuis in de kamer een deur open ging, ze dan op haar hoofd op de bank moest gaan staan vóór de deur weer dicht ging. Kortom, een complexe persoonlijkheid en dat was te horen in haar muziek vol tempowisselingen en modulaties.

Anders, met Mimi Magusin op de piano. In haar introductie in het programmaboekje gebruikt ze het woordje ‘anders’ in elke zin. ‘Maar af en toe heb ik het gevoel dat ik wel heel anders ben. Daar raak ik nogal in paniek van want het is namelijk niet altijd even leuk om anders te zijn.’ Op het toneel vertelt ze nog in ijzingwekkend tempo welke ‘andere’ elementen er in haar muziek zitten. Het blijkt inderdaad een verrassende compositie te zijn met bijzondere klanken en vreemde instrumenten als een feesttoetertje. Omdat het zo anders is wat mij betreft zeker een finaleplaats waard.

Crazy cat, met de jongste deelnemer in Eindhoven op piano en zang. Een liedje over een gekke kat die Simo van de Vosse zelf wel zou willen zijn. Tijdens de introductie op het podium komt hij niet goed uit zijn woorden, maar dat komt waarschijnlijk omdat hij in gedachte allang achter de piano zit, iedereen een stap voor. Helaas was de tekst niet altijd even goed te verstaan maar de compositie maakte dat meer dan goed. Dit liedje kan in deze vorm zonder probleem worden ingevoegd in de musical Cats van Andrew Lloyd Webber. Sterker nog, met het NBE als begeleiding klinkt het waarschijnlijk beter dan de veelal elektronische klanken uit de oorspronkelijke musical.

Vier preludes, Max van Platen op de piano. Oorspronkelijk vijf preludes, maar dat overschreed de vier minuten. Grappig dat hij juist de kwart – carnavalsinterval bij uitstek – heeft weggelaten. Max dicht aan verschillende intervallen gevoelens toe die bij verschillende karaktertrekken van hem passen. ‘Het interval secunde doet mij denken aan ‘dichtbij, warm’. Het interval terst doet mij denken aan ‘lieflijk, aardig’. Het interval kwint doet mij denken aan ‘medeleven’. Het interval sext doet mij denken aan ‘eigenwijs, lef’.’ Kalm vertelde hij ditzelfde verhaaltje op het podium waarbij hij niet vergat uit te leggen wat een interval was.
De structuur waarmee hij praat komt terug in zijn muziek. De compositie was zeer verrassend van klank en opvallend coherent. De intervallen zaten er op een briljante manier in verweven. Daardoor leken stukken zich te herhalen terwijl ze net even anders waren. Veel dissonanten en uitgestelde oplossingen. Soms deed zijn pianospel me even denken aan composities van Simeon ten Holt. Hij past zich keurig aan aan het volume van de blazers. Als enige pianist kijkt hij zelfs naar de overige muzikanten. Het zou me nauwelijks verbaasd hebben als hij ook nog ging dirigeren. Jammer dat er geen tijd was voor een langzamer gedeelte. Hier was een groot componist in de dop aan het werk. Natuurlijk één met een bekende vader, maar hij lijkt me eigenwijs genoeg om daar niet te veel naar te luisteren, eerder het tegenovergestelde te doen.

 

Doordat mijn taxi stond te wachten, heb ik helaas niet meer op de uitslag kunnen wachten. Het lijkt me dat de jury niet om Max heen kan, de overigen lagen dichter bij elkaar. Persoonlijk houd ik het op Crazy cat, Anders en Vier preludes. Maar voor alle deelnemers lijkt me een rol in de Nederlandse muziek weggelegd. De toekomst voor nieuwe composities ziet er in ieder geval hoopgevend uit. Ik zie de wereldpremières graag tegemoet.






 


 

Alle composities van de voorrondes zijn te bekijken en beluisteren via de VARA en de jongerensite van het Nederlands Blazers Orkest. Ook hier valt Max in positieve zin op.


 

Verder
Machinistlog.nl | info@machinistlog.nl