Vrijbuiters en Vazallen
De directeur had al nachtenlang slecht geslapen. Nu de vakbonden hun spijt hadden betuigd over een ondoordacht gezamenlijk communiqué, stond hij er weer alleen voor. Moest hij zijn werknemers strak houden met kledingvoorschriften, verzorgingseisen en andere strikte regels, of kon hij ze juist meer de vrije hand laten? Met een wedstrijd besloot hij de proef op de som te nemen. Hij selecteerde twee teams en gaf hen een week de tijd om ieder op één van de wanden van de ontvangstruimte van zijn kantoor een muurschildering te maken. Het team trouwe Vazallen liet direct penselen en verf aanrukken, de Vrijbuiters begonnen met koffie, versnaperingen en grote hoeveelheden zachte doeken.
Er speelde een waterig zonnetje door de ruimte toen de directeur een week later de werken kwam beoordelen. De Vrijbuiters hadden er niet veel van gemaakt. De wand blonk weliswaar als een spiegel door het vele poetsen maar verder was er niets op te zien. Hij trok het gordijn open dat hij als afscheiding op had laten hangen en keek naar het werk van de Vazallen. Dat was nog eens een kunstwerk. Ze hadden zijn kantoor geschilderd, maar nu in een rustieke omgeving met veel bos en een beekje. Hijzelf was met zijn gezin in een hoekje afgebeeld. Toen hij zich omdraaide om de voor de hand liggende uitslag bekend te maken, viel zijn mond echter open van verbazing.
In de heldere wand van de Vrijbuiters zag hij het schilderij weerspiegeld. Maar door het spel van het invallend licht leek het nu te léven. Er stroomde echt water door het beekje, achter de ramen van het kantoor werd gewerkt en hij zou zweren dat er dieren door het bos struinden.
‘Hoe hebben jullie dát voor elkaar gekregen?’ stamelde hij fluisterend.
‘Door wat ze in het taoïsme Wu Wei noemen,’ zei één van de Vrijbuiters. ‘Het niet-handelen. Het schilderij was altijd al aanwezig. Wij hebben het slechts de ruimte gegeven waarop het zich kon manifesteren.’
< Vorige Volgende >