Reizigers in 2012

Mark Rothko - Untitled No. 18

Week 12
Door te lezen
Waan je je
In een andere wereld
Leef je even
Als in een droom
Lees je over
Toekomst of verleden
Vlakbij of ver weg
Je hoeft niet te reizen
Om ergens te komen
Of juist toch
Door ergens te komen
Waar het verhaal
Echt speelt!

Ivar Wakker


Duel

De Boekenweek 2010 is weer voorbij. 210 duizend mensen stapten 14 maart gratis de trein in met het Boekenweekgeschenk. Behalve om mee te reizen, was Duel ook zeer de moeite waard om te lezen. Eindelijk weer eens een schrijver die zijn taak – en zijn lezers! – serieus nam. Bernlef raakte zo verstrikt in zijn verhaal, dat hij de clou maar uit de krant haalde. Tim Krabbé kon geen einde bedenken en het boek van Jan Wolkers was nog slechter dan de verfilming.

Joost Zwagerman heeft een afgerond verhaal geschreven met een kop en een staart. Bovendien heeft het een verrassend einde en – en dat is misschien wel zijn grootste verdienste – het maakt nieuwsgierig naar moderne kunst. Het boek is dan ook niet zomaar en verzinsel. Zwagerman liegt de waarheid. Untitled No. 18 van Mark Rothko bestaat inderdaad. Het hangt echter niet in Nederland en heeft andere kleuren en afmetingen dan het boek ons doet geloven. De versie van Zwagerman is echter wel helemaal in de geest van Rothko geschilderd.

Ook het verhaal op zich gaf mij een vaag gevoel van déjà vu. Een kostbaar schilderij dat anoniem op reis gaat, waar had ik dat eerder gelezen? Even speuren op internet leverde het volgende resultaat op. In 1976 had performancekunstenaar Ulay in Berlijn het werk De arme kunstenaar van Carl Spitzweg gestolen, nadat hij een kopie had opgehangen. Hij hing het in de huiskamer van een arme Turkse familie in Kreuzberg en legde elke stap vast op video. Precies zoals Emma Duiker doet in Duel.

Rothko ChapelNu ben ik een ware analfabeet als het gaat om moderne beeldende kunst, maar ik weet wel het een en ander van hedendaagse muziek. Wat Zwagerman niet in zijn boek vermeldt, is dat Mark Rothko ook een stiltekapel heeft ontworpen. Morton Feldman componeerde er in 1971 Rothko Chapel bij. Ik weet niet of Zwagerman dit werk kende, maar het wonderlijke is dat zijn beschrijving van Untitled No. 18 perfect past bij de muziek van Feldman. Je hoeft alleen kleuren te vervangen door klanken.

Het rood en het blauw leken te trillen als een landschap in laaiende hitte – maar een íéts ander blikveld en beide kleuren spoelden als het koelst denkbare water over je heen. Verhooff kon er als de eerste de beste jongejuffrouw door overrompeld worden: dit waren niet uitsluitend kleuren – dit waren elementen. Kleur als water en vuur, kleur als opgloeiende aarde en stil suizende lucht. Maar ook kleur als toneelmatig drama, kleur als serene vertellingen, kleuren die, zoals Rothko het zelf had omschreven, ‘ademden’.

Zwagerman beschrijft ook hoe iemand tot tranen toe kon worden geroerd, als hij plotseling iets hemels ontdekte in de kleurvlakken van Rothko. De muziek van Feldman is op dezelfde manier geconstrueerd: grote klankblokken waaruit plotseling – als uit het niets – een ijle melodie tevoorschijn komt.

Nu is het voor een machinist natuurlijk overdreven om met het Boekenweekgeschenk gratis met de trein te gaan reizen. Maar, op het idee gebracht door een gedicht van Ivar Wakker, kon ik natuurlijk wel náár het boek gaan. Het Van Effen uit Duel was gemakkelijk gevonden. Eindhoven staat niet bovenaan in het stedenlijstje als het om musea gaat. Dat moest dus het Van Abbe zijn. Geïnspireerd door Joost Zwagerman werd het een wonderlijke ontdekkingstocht. In Work No. 371 van Martin Creed was zelfs de lift als installatie tot kunst verheven. Indrukwekkende klanken van Edgar Varèse bij beelden van Le Corbusier in Poème Electronique. Wie durft te luisteren naar Magical World van Johanna Billing, doet dat op eigen risico: het is een melodietje dat je moeilijk uit je hoofd krijgt.

In mijn vorige column heb ik Duel beschreven als de strijd tussen conducteurs en hedendaagse jongeren. Zwagerman schrijft over het eeuwigdurende gevecht tussen gevestigde en moderne kunstenaars. Morton Felman probeerde muziek te laten winnen van beeldende kunst. Ivar Wakker vecht in zijn gedichten zijn eigen duel tussen lichaam en geest uit. Joost Zwagerman stelt op de laatste pagina’s van het Boekenweekgeschenk voor de strijd te staken en tot op het bot te ontleden. Om daar vervolgens weer een voorstelling van te maken. Lijkt me een heel aardig… duel.

 

 



 

De muziek is een fragment uit het laatste deel van Rothko Chapel. Componist: Morton Feldman.

Twee kunstwerken uit het Van Abbemuseum:

 





 

Tot mijn verrassing is de column van week 9 alsnog gepubliceerd ik Koppeling Plus, het nieuwe tijdschrift voor gepensioneerde NS-ers. Een beetje als mosterd na de maaltijd, maar daardoor direct al nostalgie. Voor de volledigheid:

 

Klik op de afbeelding voor een vergroting

Jong

Jong zijn en opgroeien. Het centrale thema van de Boekenweek 2010. In een speciale jubileumuitgave schrijven 75 auteurs een brief aan hun jonge ik. Ik ben benieuwd hoe vaak het spoor daarin voor komt. Vooral jongens dromen immers van een baan als machinist.

Wat zou ik zelf als machinist aan mijn jonge ik schrijven? ‘Jongen, vergeet die ruimtevaart nou maar, je blijft met beide benen op de grond. Maar haal dat schriftje met verhaaltjes snel uit de vuilnisbak en verkoop je elektrische treintjes nog even niet.’

Na het thema ouderdom van twee jaar geleden, kan jong natuurlijk ook worden gelezen als verjonging. Het uiterlijk van de NS zal het komend jaar ingrijpend veranderen. De oude, vertrouwde treinen van het type Mat ‘64 worden vervangen door splinternieuwe Sprinters. Dat oogt niet alleen moderner, ook de kleur van het spoor verandert erdoor: van geel naar maagdelijk wit. De kleur van reinheid en zuiverheid. Ook het treinverkeer wordt weer even jong.

Toch zal menigeen met een gevoel van weemoed kijken naar het materieel dat ons ruim 45 jaar trouwe dienst heeft bewezen. Ongetwijfeld houden we het in ere in het Spoorwegmuseum. Als we daar over vele jaren met het Boekenweekgeschenk gratis naartoe reizen, zal de jongste generatie vol ontzag vragen: ‘Durfden mensen daar vroeger in te reizen?’ En hun vader zal antwoorden: ‘Ja jongen, jouw betovergrootvader heeft daar nog in gereden. En een verhalen dat hij daarover kon vertellen…’

 

Mat 64

Binnenkort alleen nog in het museum te bezichtigen



 

Natuurlijk zou ik in die brief aan mijn jonge ik nooit schrijven dat hij machinist zou worden. Het is een prachtig vak en alle kinderen dromen ervan, maar voor mijn ik van 12 was de wereld nog veel groter. De aarde was hem nog te klein, laat staan het spoor van Nederland. De volgende brief zou waarschijnlijker zijn geweest. En ik ontvang steeds meer signalen dat hij hem ook werkelijk ontvangen heeft...

 

Beste ik,

Geen al te beste aanhef, maar ik heb er een hekel aan mezelf met mijn eigen naam aan te spreken. Net zoals ik er een hekel aan heb als mensen vragen: hoe gaat het met Geert? Elk haartje op mijn lichaam gaat dan overeind staan, elke vezel van mijn spieren komt in verzet. Heb jij dat ook al? Ik denk het wel.

Hoewel je twaalf bent geworden en op het punt staat de volwassen wereld te betreden, wil ik toch even met je terug gaan naar het begin van de basisschool. Kun jij je dat kleurrijke schrift nog herinneren? Het was vrij dik, vierkant en gelinieerd. Op de voor- en achterkant had het lijnen en vlakken in allerlei gradaties van geel. Van beige tot bijna oranje. Je had net een paar woordjes leren schrijven, toen je in dat schrift al je eerste verhalen optekende. Je lag op de grond te piekeren hoe je het woord ‘ring’ moest schrijven. Dubbelklanken had je nog niet gehad. Je was eerst nog van plan er gewoon ‘rin’ van te maken, dat kwam het dichtste in de buurt. Uiteindelijk heb je het toch aan onze moeder gevraagd. De hulp inroepen van anderen, dat is iets waar je veel moeite mee hebt. Ik zal je vast iets verklappen: over dertig jaar kun je dat nog steeds niet.

Natuurlijk herinner je je dat schrift nog. Ons soort mensen is een specialist als het om details gaat. Dat heeft zijn voordelen, al raken we soms het overzicht weleens kwijt. Waarom ik over dat schriftje begin? Omdat schrijven voor jou de belangrijkste verbinding met de buitenwereld zal blijken te zijn. Soms zelfs de enige. Bovendien staat een ring symbool voor onbegrensdheid en heeft het een bepaalde eeuwigheidswaarde. Misschien moet ik je teleurstellen: je zult hem nooit om je vinger dragen.

Vervolg...

 



 

Als de jongens uit bovenstaand filmpje een brief van hun volwassen ik zouden krijgen, wat zou daar dan in staan? Het zal waarschijnlijk geen opbeurend verhaal zijn. Meer dan 90 procent kans dat hij vanuit de gevangenis verstuurd is. De volgende, bizarre, monoloog komt uit de documentaire Allein in vier Wänden:

 

‘Als ik hier uitkom, word ik vast niet met open armen ontvangen. Want ik heb heel wat uitgevreten. Diefstal, weglopen, vechten.
Uiteindelijk heb ik zelfs iemand doodgeslagen. Daar maak je geen vrienden mee.
Ouders durven hun kinderen niet meer naar school te sturen. Als ik op school zit, houden ouders hun kinderen thuis. Uit angst dat ik weer iemand doodmaak.
Mijn vader zal me wel weer willen zien, denk ik. Misschien ook niet.’

Het komt er zonder enige emotie of spijt uit. De jonge crimineel zet eenvoudigweg oorzaak en gevolg van zijn misdaad op een rij, zonder daar verder conclusies aan te verbinden. Niet dat een ander in de inrichting zit om vriendschappen te sluiten. Eén van de jongens laat zijn tatoeages zien. Die van vijf puntjes bij zijn duim betekent: alleen tussen vier muren. En alleen zijn ze allemaal. Slechts tegenover de camera en in bed laten ze even hun masker vallen.

Klik hier voor het complete verslag.

 

 



 

Pygmalion

Een sporter die voor de wedstrijd denkt: ‘dit win ik nooit,’ zal waarschijnlijk verliezen. Een atleet die vast overtuigd is van eigen kunnen, heeft veel meer kans op een overwinning. Sven Kramer wist zeker dat hij goud zou halen op de Olympische Spelen. En wat gebeurt er? Nou ja, slecht voorbeeld. Maar de selffulfilling prophecy is een goed onderzocht fenomeen in de psychologie. Het wordt ook wel het Rosenthaleffect genoemd, naar de psycholoog Robert Rosenthal die in 1966 aantoonde dat verwachtingen prestaties sterk kunnen beïnvloeden. Hij toonde aan dat een leraar die dacht dat hij te maken had met een bovengemiddeld intelligente leerling, de resultaten van die leerling op een positieve manier kon sturen. Zelfs als het in feite een middelmatige student betrof. Een oude term is het Pygmalion-effect. Psycholoog en journalist Dominique Haijtema gaat nog een stapje verder: ‘Voor leidinggevenden is dit zogeheten Pygmalion-effect een cruciaal fenomeen. Een manager die gelooft in het potentieel van medewerkers zorgt er onbewust voor dat prestaties van medewerkers verbeteren.’

Helaas zie ik nog maar weinig managers gebruik maken van het aangeboden potentieel. Een voorbeeld van hoe het niet moet. (Maar natuurlijk wel doorgevoerd wordt.)
 

 


 

Over de profetische waarde van bovenstaande foto wil ik het liever niet hebben. Mijn eerste ervaring met het 'routelint' was op z'n zachtst gezegd onthutsend. Ondanks dat ik heel positief ben over het systeem. Ik kan het niet vaak genoeg zeggen: Lang leve het routelint! Routelint, hoofdletter R. Hartkloppingen.


Voor ik het vergeet nog een laatste ode in het kader van de voorbije Boekenweek. Een ontroerend lied van Lenette van Dongen.

 







< Terug naar week 11       Verder naar week 13 >





 

Machinistlog.nl | info@machinistlog.nl