Reizigers in 2012

Week 44

 

Ja, het is een muis en geen hamster. So what?!!

Koyaanisqatsi

Mens sana in corpore sano. Een gezonde geest in een gezond lichaam. Tijdens de Marathon van Eindhoven hebben veel NS-ers bewezen daarover te beschikken. Een individuele sport past goed bij het karakter van het werk. Dus ook veel fietsers binnen het bedrijf. En niet zomaar een ‘Rondje rond de kerk’, maar tochten naar de Alpen, Pyreneeën of Dolomieten, als ik de verhalen in het verblijf mag geloven. Geen enkel probleem om na een zware nachtdienst nog even op het zadel te springen om de Cauberg te bedwingen. Er is zelfs een machinist die, naar eigen zeggen, meer kilometers fietst dan in een trein rijdt.

Zelf fiets ik ook. Dat wil zeggen; ik láát fietsen. Op mijn bureau staat een hamster die op zijn racefietsje de aanslagsnelheid van mijn vingers op het toetsenbord van mijn computer visualiseert. Ik geef toe dat zijn bewegingen met het blote oog nauwelijks te volgen zijn, maar wie de moeite neemt elke paar seconden een foto te nemen en die vervolgens als filmpje versneld afspeelt, krijgt een aardige indruk van mijn typevaardigheid.

Mooie filmpjes zijn dat, waarin trage gebeurtenissen versneld worden getoond. Een zonsopgang, het openen van een bloem of het construeren van een gebouw. Eigenlijk zou het rijden in een trein hetzelfde moeten gaan. Je rijdt een traject precies zo vaak dat je elke keer iets nieuws ziet. Een boom die door de jaargetijden heen verandert of een kantoor dat laag voor laag neergezet wordt. Maar niet zo vaak dat het verschil niet meer opvalt, dat elke dag dezelfde lijkt. Net als onze fietsers dus zeker geen ‘Rondje rond de kerk’!

Een film die helemaal uit versnelde beelden bestaat is ‘Koyaanisqatsi’. Deze toont indringend de strijd tussen natuur en cultuur. Een strijd die de natuur dreigt te verliezen. ‘Leven uit balans’ betekent de titel in het Hopi-Indiaans. Ook binnen de NS is er nog heel wat overleg en gepuzzel nodig om alle diensten in balans te brengen.

Dat geldt gelukkig niet voor de Mens sana in corpore sano. Via het programma ‘Een gezonder meNS’ is de cursus ‘Balans en bewegen’ te volgen. Of één van de vele andere mogelijkheden. Ik heb gekozen voor de opleiding ‘Fietsen’. Niet voor mijzelf, maar voor mijn hamster. Raakt die eindelijk eens in balans met mijn gezwoeg op het toetsenbord.

 

 

Boven op de berg

't Was boven op de berg dat ik begreep
En besloot het nooit meer te vergeten
”t Was boven op de berg dat ik begreep
Wat ik al zo lang had moeten weten

Mijn column deze maand, tevens geplaatst in Ons kent oNS, gaat over bewegen en beweging. Maar is tevens een aanklacht tegen het ‘Rondje rond de kerk’. Een echte sporter is pas tevreden als hij de top gehaald heeft. Letterlijk en figuurlijk. Pas boven op de berg komt hij op adem en heeft hij tijd voor een moment van beschouwing.
Dat geldt evengoed voor de machinist, een individualist net zo groot als de eenzame fietser. Die is niet tevreden met het almaar in kringetjes ronddraaien, ook hij zoekt naar een plaats waar hij zijn eigen bestaan kan overzien. De top van zijn eigen berg.

Er zijn mensen die de top niet op eigen beweging kunnen bereiken. Mensen die altijd anderen nodig hebben om hen te ondersteunen. Uit onzekerheid of omdat ze niet genoeg vertrouwen op eigen kunnen. Of omdat de eenzaamheid ze bang maakt. Om die angst te verbloemen hebben ze anderen nodig die hen in hun bestaan bevestigen. Lachen om hun grappen, instemmend knikken als ze hun levensvisie luidruchtig kenbaar maken.

Geen donderslag bij heldere hemel
Ook niet de bleke sikkel van de maan
”t Was boven op de berg dat ik begreep
Ik kan ook zonder angst bestaan

De machinist komt pas echt tot leven als de wereld om hem heen slaapt. Geen menselijke activiteit die het zachte gefluister van de natuur om hem heen verstoort. De hoogspanning boven hem versterkt de golven van zijn eigen gedachten. Hij hoeft niet te klimmen om naar de top van de berg te gaan. Als de rit maar lang genoeg duurt om de tijd te laten vervagen. Dan komt hij ongetwijfeld tot dezelfde conclusie als Bram Vermeulen:

”t Was boven op de berg dat ik begreep
Je bent nooit alleen als je samen met jezelf bent

*****

Over stiltecoupés is dit jaar al heel veel geschreven. Directeur Commercie Boukje Bügel schreef in Metro dat het er zelfs niet gefluisterd mocht worden. Al moesten de huisregels ervoor aangepast worden. Bovendien wees ze reizigers 'fijntjes' op de eigen verantwoordelijkheid medereizigers aan te spreken. In Vrij Nederland nr. 43 van 24 oktober 2009 reageert Arnon Grunberg op een ingezonden brief: "Het is nobel van u dat u uw medemens wilt opvoeden. [...] In de ideale wereld was u opgestaan, had u de conducteur gewaarschuwd, die samen met collega's manhaftig had ingegrepen. Wij weten dat die ideale wereld niet bestaat. Uw ouders, uw vriendin, uw minnares en uw werkgever zullen net als ik veel begrip kunnen opbrengen voor uw praktische lafheid. Het voorkomen van een pak slaag is een mensenrecht."

Ik had al voorspeld dat de conducteur de pias zou worden na de brief van de Directeur Commercie. Nadat dagblad De Pers een reisje stiltecoupé had gemaakt, liet ze dan ook wijselijk het woord aan haar woordvoerder.

 

De OV-chipkaart gaat er nu echt aankomen. Al het openbaar vervoer in Nederland één kaart. Je zou denken dat daarbij direct aan mensen met een beperking wordt gedacht. Immers, vanaf 2010 moeten die zelfstandig kunnen reizen, al heeft de NS uitstel tot 2030. Maar blinden stuiten al meteen op heel veel problemen met de poortjes en het in- en uitchecken. Geen goede beurt voor de bedenkers van het systeem.
 


 

 

Bijlo's geleidehond

Wij rennen samen over ’t spoor,
Ook met de bomen dicht.
Ik hoor de belletjes,
Maar jij hebt het zicht.

Hoewel Vincent Bijlo in Zonsondergang over zijn geliefde zingt, had hij dit liedje ook op kunnen dragen aan zijn geleidehond. Zo zag ik het tenminste donderdagavond 22 oktober op het station van Gilze-Rijen bijna gebeuren.
Een blinde man in een lange, bruine jas en een gleufhoed op zijn hoofd stond, gewapend met rood/witte stok, netjes voor de gesloten spoorbomen aan het einde van het perron te wachten. Zijn hond, misschien iets te overmoedig geworden door de tekst van het liedje, wilde echter gewoon onder het obstakel door oversteken. Voor de zekerheid tastte de man met zijn stok de boom voor zich nog maar eens af, maar zijn oren bedrogen hem niet. Gelukkig reed ik een stoptrein en vloog ik niet op intercitysnelheid voorbij. Ook waren er voldoende reizigers aanwezig om de man voor een misstap te behouden, maar die keken eerder vertederd naar de hond dan naar zijn baasje. Een zwarte Labrador die met zijn tong uit zijn bek niet begreep waarom iedereen maar stil bleef staan terwijl er nog zo veel in de wereld te ontdekken viel.

Misschien was de situatie minder dramatisch dan hij in eerste instantie leek en was de jonge hond nog volop in opleiding. In dat geval is het te hopen dat Vincent Bijlo niet is uitgenodigd om te zingen op zijn eindexamenfeestje.

 

 

Stuurstroomsleutel

 

De parabel van de stuurstroomsleutel en de remkraan

Een belangrijk onderdeel om een trein van het type Mat 64 te rijden, is de stuurstroomsleutel. In elk treinstel is er slechts één aanwezig, dus als de trein van richting verandert, moet de machinist deze sleutel meenemen van de ene naar de andere cabine. Dit in tegenstelling tot de remkraan, die aan beide zijden van een trein aanwezig is.

Nu is een remkraan van nature een wat jaloers object. Steeds als de trein omgebouwd moest worden, keek de remkraan met scheve ogen naar de stuurstroomsleutel die lekker warm in de jaszak van de machinist verdween en ging vervolgens zitten mokken tot hij eindelijk weer aan de beurt was om in actie te komen.
Op zekere dag barstte de bom. De bond van remkranen riep op tot actie. Men zou de rem vergrendeld houden totdat de eis was ingewilligd. Voortaan nog maar één remkraan per trein, zodat die altijd voorin mocht zitten en remmen.
Doordat alle treinen in het hele land nu stil stonden, kon de directie weinig anders doen dan toegeven. De machinist moest nu niet alleen de stuurstroomsleutel meenemen, maar ook de remkraan.

Dat leek aanvankelijk even goed te gaan, maar al snel begonnen de remkranen in te zien dat ze een vergissing gemaakt hadden. Je de hele dag verzetten tegen de vaart der volkeren, was toch wel erg vermoeiend. Ze verlangden terug naar dat rustpuntje van de onbemande cabine. Maar hoe konden ze nu zonder gezichtsverlies terugkrabbelen?
Gelukkig brachten de machinisten onverwacht uitkomst. Die klaagden namelijk steen en been over het gesleep met die zware remkraan. Dat ging ten koste van hun rug. Al snel werd er een overeenkomst met de bond van remkranen bereikt. Men ging terug naar de oude situatie en alleen de stuurstroomsleutel hoefde tussen twee ritjes door nog verplaatst te worden.

De moraal van dit verhaal: Soms is het noodzakelijk je snelheid te verminderen en desnoods even tot stilstand te komen. Maar laat je af en toe ook eens meevoeren met de stroom der verandering, want altijd in verzet komen is op den duur véél te zwaar.
 

Remkraan

Tot slot, of eigenlijk aan het begin van de wintertijd, toonde voormalig predikant Nico ter Linden me nog het beeld van de machinist als jonge herder.




< Terug naar week 43       Verder naar week 45 >

Machinistlog.nl | info@machinistlog.nl