Op de achtergrond een fragment uit de hoorspelserie 'Het Bureau' naar de roman van J.J. Voskuil.
Tevens geplaatst in Boord & Wal nummer 3 van 2008.
Nieuw personeel
Wie kent ze niet? Schooljongens zijn het vaak nog. Net uit de plaatjesboekjes en nu klaar voor het echte werk. Trillend van opwinding wachten ze op het grote moment, hun vinger op het knopje. Aan veiligheid wordt geen seconde gedacht. Een onderbuikgevoel kondigt het naderende hoogtepunt aan. Een laatste beweging en dan valt alle spanning van ze af. Moe maar voldaan zakken ze in elkaar, maar dan staat de 1840 Enschede er ook prachtig op, en die zie je niet iedere dag.
Ik heb het natuurlijk over fotografen op en langs het spoor. Als je dienst begint zie je de eerste al over de perrons rondstruinen. Sommigen nemen de fotojacht zo letterlijk dat ze zich in camouflagekleding in weilanden verstoppen of zich vermommen als vissers aan een slootje. Maar het gevaarlijkst zijn de fotografen die op gammele trapjes langs het spoor of half op overwegen staan. Zo’n keukentrapje dat bij windkracht twee al kreunend lijkt te bezwijken en nu 300 meter met 140 kilometer per uur voorbijrazende trein moet zien te weerstaan. Ik moet ondertussen al op menig foto staan met mijn ogen angstvallig dichtgeknepen.
Je zou kwaad moeten worden op deze spotters maar ik kan eigenlijk alleen maar medelijden voelen. Want als deze jongens op hun sollicitatiegesprek al hun kennis tentoonspreiden staan ze na vijf minuten weer buiten. Zulke treinfanaten zijn binnen NS niet gewenst. Degene die bij 1840 Enschede hardop riep: ‘Die bestaat niet’ of nog erger: ‘De 1840 is de Steenwijk,’ heeft bij zijn eerste gesprek dus heel behoorlijk toneel gespeeld!